zondag 25 oktober 2026

HET WAS ZO MAKKELIJK

Hoe bevreemdend is het jezelf onverwacht tegen te komen, gezien door de ogen van een ander, een je onbekende die jou kennelijk herkende.

    Naar aanleiding van het overlijden van Lidy van Marissing kwam her en der ook Jacq Vogelaar ter sprake.


En wat struinend op het internet belandde ik quasi zomaar in iemands notities over de begrafenis van Jacq nu al bijna dertien jaar geleden:

    "H.C. ten Berge stapt met grote passen op het grind. Verder zijn het Piet Meeuse, Barber van der Pol, Huub Beurskens, Cyrille Offermans, Marion, Yves van Kempen met Brecht. Ik zie Meneer Nieuwenhuis, de vormgever, Robert Anker, Willem van Toorn, Tom van Deel, Xandra Schutte, Nicolaas Matsier, Erik Lindner (de jonge garde), vele anderen. Laat ik Pieter de Nijs en Liesbeth van Nes niet vergeten en Sjef Bogman, mijn studiegenoten. Vrienden. De aula is vol. Er is muziek drie keer; er zijn 12 sprekers. Het hadden er ook 1200 honderd kunnen zijn. Misschien wel moeten zijn. Over Jacq kun je blijven praten en spreken. Het is nooit genoeg."

    Dat en meer noteerde Willem Broens op 19 december 2013, een dag na de begrafenis, de dag waarop ik zelf het gedenkgedicht "Acht met stuurman" noteerde, ja, noteerde, want het was zo makkelijk er poëzie van te maken.