zondag 24 juni 2018

GIFTIG GETIKTE AFORISMEN - 8



Hij hoort een kind tegen een volwassene zeggen dat het ‘wil spelen’ en kan zich niet herinneren dat zelf als kind ooit te hebben gewild. Vond hij toen al ‘spelen’ een krenkend woord voor waar hij in opging?
*
‘Je verzet tegen critici en academische neerlandici. Gooi je daarmee als schrijver niet je eigen ruiten in?’
‘Als dat zo is heb ik toch gelijk?’
*
‘Je verzet tegen critici en academische neerlandici. Gooi je daarmee als schrijver niet je eigen ruiten in?’
‘Het zijn er van beide categorieën maar een stuk of drie waar ik me tegen verzet!’
‘Maar dat zeg je er niet bij…’
‘Kun je nagaan hoe die de zaak verzieken.’
*
‘Hoort letterkunde niet de hoede van de literatuur te zijn?’
‘Ja, maar niet de voorhoede.’
*
Er zijn twee categorieën cultuurmensen van wie je je afvraagt wanneer en hoe ze lezen. Van de eerste omdat je vermoedt dat ze bijna niets lezen. Van de tweede omdat ze de indruk wekken bijna alles te lezen.
*
Voorwaarde om je literatuurcriticus te mogen noemen: het constant voelbaar aanwezige diepe besef van de almaar toenemende hoeveelheid goede literatuur die je nooit zult mogen ontdekken.
*
Poëzieopvattingen - een analogie.
Ooit in het kunstonderwijs te bestrijden: enerzijds de theorie van de ‘vrije expressie’, anderzijds de theorie van ‘visuele communicatie’. Nu: hun combinatie.
*
Zijn beminnelijke vriend W, een begenadigd observerende tekenaar, had in zijn hoedanigheid als docent aan de kunstacademie bij menige student zo’n zelfde talent kunnen helpen ontwikkelen, ware het niet dat de leiding dat uit ideologische overwegingen niet relevant achtte voor het curriculum.
*
Eens dialoogbegin, nu dialoogeinde: ‘Ik voel dat nou eenmaal zo.’
*
Bij het lezen van Paul Bloom, Against Empathy – The Case For Rational Compassion (2016).
‘Is de poëzie niet bij uitstek het domein van de empathie en daarmee veeleer het domein van het gevoelsmatige, intuïtieve in plaats van het rationele taalgebruik? En is daarmee de zo ontstane, vormvrije en niet rationeel te vatten poëzie niet de juiste houding tegenover de huidige wereld?’
‘Tegenover? “This rejection of reason is particularly strong in the moral domain. It is now accepted by many that our judgements of right and wrong are determinated by gut feelings of empathy, anger, disgust, and love, and that deliberation and rationality are largely irrelevant. As Frans de Waal puts it, we don’t live in an age of reason, we live in an age of empathy.”’
*
‘Maar wordt er niet meer dan ooit gediscussieerd en geargumenteerd?’
‘“We celebrate rationality,” agrees De Waal, “but when push comes to shove we assign it little weight.”’
*
Literatuurvariant: Against Empathy – The Case For Rational Composition.
*
Waarom ‘rationeel componeren’ interessanter is dan ‘gevoelsmatig componeren’?
Omdat dat tweede schijnbaar kan en het eerste eigenlijk niet.
*
Zich goed kunnen verplaatsen in andermans beweegredenen en gevoelens: dat kan ook de gevaarlijke psychopaat.
*
Uiteraard kan literatuur maatschappelijk relevant en van invloed zijn. Maar moet je dan niet net zo goed als bijvoorbeeld de roman Uncle Tom’s Cabin, die blijkbaar lezers heeft beïnvloed in hun visie op de slavernij, bijvoorbeeld de roman The Turner Diaries noemen die Timothy McVeigh in zijn auto had liggen toen hij op weg was voor zijn bomaanslag in Oklahoma City waarbij 168 mensen om het leven zouden komen?
Dat was een slechter boek? Hoe bedoel je?

Zie HIER aflevering 1, HIER2 , HIER3, HIER4 , HIER5, HIER6 en HIER 7.

zaterdag 23 juni 2018

GIFTIG GETIKTE AFORISMEN - 7



Moreel probleem bij het hekelen van een criticus: de door hem of haar ten onrechte positief besproken auteurs als collateral targets.
*
Hij werd gevraagd een lezing van een half uur te houden onder de titel ‘De verdediging van de poëzie’.
Hij antwoordde dat hij dat wel wilde doen als de titel van de lezing zou mogen luiden: ‘De verdediging van de poëzie, met uitzondering van die van [volgen namen waarvan het oplezen de toegemeten tijd ruim zou overschrijden]’.
*
Hij heeft de neiging om als variant op Aafjes’ gewraakte uitspraak van 65 jaar geleden dat de SS de poëzie was binnengemarcheerd nu te verzuchten dat de slampamperij de poëzie is binnengeschaffeld.
*
Een college gevende hoogleraar of universitair docent hedendaagse letterkunde die recensies schrijft. Een college gevende hoogleraar of universitair docent hedendaagse letterkunde die een boek publiceert om bepaalde ontwikkelingen van de literatuur te stimuleren. Een college gevende hoogleraar of universitair docent letterkunde die deel uitmaakt van jury’s van literatuurprijzen. Een college gevende hoogleraar of universitair docent biologie die ijvert voor het bewonderen van de eland, het doodzwijgen van de pika en het uitroeien van de klipdas.
*
De bemoeienis van literatuurkundigen met wat zij het literaire discours noemen toont hun onwetenschappelijkheid.
*
In de natuurkunde volgens de kwantumtheorie kan geen enkele waarneming worden gedaan zonder dat het waargenomen verschijnsel wordt beïnvloed.
Worden daarom in de literatuurkunde verschijnselen alvast beïnvloed om ze te kunnen bestuderen?
*
Eerst draagt A haar gedichten bloemrijk voor om hun kitsch te verbloemen. Dan fluistert H de zijne welhaast opdat men voelt ‘ja, dit zijn van die ongrijpbaar lyrisch fijne…’. Vervolgens buldert T zijn verzen in de zaal, want hun wartaal klinkt urgent als kabaal. En nu raffelt B zijn gedichten brabbelend af, uit spijt dat hij op de uitnodiging is ingegaan en dat het nu te laat is en hij de ordebevestiger is met een schande waar alleen hij van wakker ligt.
*
Altijd schrijft Kortjakje poëzie als cultuurkritiek
Midden in de week maar zondags niet
Zondags gaat zij naar de poëzievoorleeskerk
Met haar boek vol zilverwerk
*
Cultuurethiek. Een poëzieprijs vernoemen naar een overleden dichter en diens beste dichtervriend de prijs onthouden.
*
Zelfingenomenheid of naïviteit?
‘Je vraagt je wel eens af waar we het aan verdiend hebben,’ noteert dichter R bij een foto van braaf luisterende mensen bij zijn poëzievoordracht.
Zelfingenomen naïviteit.
*
Vrijwillig Limbo:
De folklore van het Nederlandse Boekenbal voor merendeels niet-schrijvers.
Vrijwillig Inferno:
Een ‘alternatief’ boekenbal met niets dan schrijvers.
*
Retorische vraag. Was het toeval dat hij alle schaarse keren dat hij zich uit sociale overwegingen verplicht voelde om in de hoofdstad een literaire bijeenkomst te bezoeken de zelfbenoemde schrijversvonnisser L onder de aanwezigen ontwaarde?
*
Bij gesprekken tussen schrijvers en andere intellectuelen voelde hij zich telkens weer dom en taalarm en had hij opnieuw het schrijven nodig om te proberen zich van het omgekeerde te overtuigen.
*
Elias Canetti, onverbeterlijke meester van het aforisme.
Toch waagt hij het de meester bij te sturen.
Canetti (1980): ‘Hij is helemaal gelukkig wanneer hij leest. Hij is nog gelukkiger wanneer hij schrijft. Het gelukkigst is hij wanneer hij iets leest wat hij nog niet wist.’
Hij (2018): ‘Hij is helemaal gelukkig wanneer hij leest. Hij is nog gelukkiger wanneer hij schrijft. Het gelukkigst is hij wanneer hij iets leest wat hij nog niet wist. Het allergelukkigst is hij wanneer hij iets schrijft wat hij nog niet wist.’
*
Opmerkelijk is niet dat zoveel mensen kunst maken die sociaal, emotioneel, psychisch ‘anders’ zijn. Opmerkelijk is dat er sociaal, emotioneel en psychisch ‘normale’ mensen zijn met een stabiel, geregeld, rationeel gegrond bestaan die kunst maken.
*
Het schrijven van ‘Ugly poetry’: zoiets als stoer alleen nog op lelijke vrouwen vallen omdat je toch geen mooie kunt krijgen.

Zie HIER aflevering 1, HIER2 , HIER3, HIER4 , HIER5 en HIER6.

vrijdag 22 juni 2018

GIFTIG GETIKTE AFORISMEN - 6



Wat erg is:
als je boek vreselijk slecht wordt besproken door iemand die het vreselijk goed heeft gelezen.
Wat erger is:
als je boek vreselijk slecht wordt besproken door iemand die het vreselijk slecht heeft gelezen.
Wat het ergst is:
als je boek vreselijk goed wordt besproken door iemand die het vreselijk slecht heeft gelezen.
*
Door romans te gaan schrijven onder vrouwelijk pseudoniem wilde hij aan de mannelijke blik van de kritiek ontsnappen – wat lukte – en onder de aandacht komen van de vrouwelijke – wat mislukte.
*
Ze benutte haar inleidend praatje bij de presentatie van het nieuwe boek van C om alle aanwezigen zich uitgesloten te laten voelen van de diepte en hechtheid van haar vriendschap met de schrijver, inclusief de schrijver zelf.
*
Q’s neiging tot kitsch vormde het grootste gevaar voor haar artisticiteit. Toen ze dat uit het oog verloor werd ze de gevierde schrijfster die ze altijd had willen worden.
*
G ontkrachtte het denkbeeld van de noodzaak van een sterke openingszin met de krukkigheid van de zijne in de roman waarvan honderdduizenden exemplaren werden verkocht.
*
Het land was geschokt door de zelfmoord van de populaire schrijver, terwijl zijn kompaan van lang geleden Kijk dacht, zo ken ik hem weer.
*
– Waarom niet juist schrijven als niemand het zal betreuren dat hij het laat?
– Omdat elke talentloze dat ook denkt?
– Maar niet elke illusieloze.
*
Hij zou niet alleen bij elk werk opnieuw willen schrijven alsof het zijn laatste is, maar alsof de wereld vóór de verschijning ervan zal vergaan.
*
‘Schrijvers laten je zien wie je echt bent door je een spiegel voor te houden,’ leest hij in de literatuurkatern van een kwaliteitskrant.
Geschrokken vraagt hij zich af of dit betekent dat hij in zijn leven niet één boek heeft gelezen. Nee, niet geschrokken. Opgelucht.
*
Er zijn auteurs die als ghostwriter beter schrijven dan onder eigen naam omdat ze niet beseffen dat ook onder eigen naam schrijven ghostwriting is.
*
Mensen die niets te gek is om hun boodschap erin te verpakken, zelfs gedichten of romans niet.
*
Talent en historisch moment: wanneer hij nu weer achttien zou kunnen zijn zou hij nooit meer schrijver willen worden.
*
Een boek in een oplage van duizend exemplaren dat maar door driehonderd mensen wordt gelezen...
Een boek in één exemplaar waar honderd mensen op wachten om het te mogen lezen!

Zie HIER aflevering 1, HIER2 , HIER3, HIER4 en HIER5.

donderdag 21 juni 2018

GIFTIG GETIKTE AFORISMEN - 5



Zijn ‘zerk’ in plaats van zijn ‘werk’.
Was het een Fehlleistung van de toehoorder of van de geïnterviewde schrijver?
Doet het ertoe?
*
Afwijking als dekmantel van onvermogen.
*
Afwijking ter voorkoming van kritiek.
*
‘Een afwijking is iets echts,’ hoorde hij de officieel geautoriseerde, want hoogst gelauwerde ontregelingsdichter op de radio zeggen, ‘want daar kan iemand niets aan doen.’
Wat een beklemmende onvrijheid, dacht hij geschokt, om echt niets anders te kunnen dan echt moeten zijn!
*
‘Dat zou nog eens beroering wekken in een museum voor actuele kunst!’ zei Y enthousiast toen hij de olieverfstudies naar de natuur van X zag, zonder één ervan langer dan twee seconden te bekijken.
*
Sinds S zich ervan bewust is dat het bij vrouwen seksistisch overkomt en dus slecht valt wanneer hij ze met ‘lieve’ aanspreekt alvorens hen tegen te spreken, gebruikt hij dat woord tegenover wie hij denkt dat ze zich er inmiddels juist wel door laten vleien: mannen die hij hedendaags politiek correct terecht wil wijzen.
*
Natuurlijke selectie. Ze joeg eerst met haar verwijten van seksisme de meest zachtzinnige mannen tegen zich in het harnas om daarna met die machistische klootzak te trouwen.
*
Een geslaagd kunstwerk tekent het failliet van zelfs zijn meest positieve bespreker.
*
‘Ik wil niet tussen mijn gedicht en de lezer gaan staan,’ verklaart dichter O, wiens poëzie alleen wordt gelezen door wie ervoor heeft geleerd er geen touw aan te moeten willen kunnen vastknopen.
*
Hij gelooft niet in heilzame werking van kaarsjes die branden, alleen in die van het opsteken ervan.
*
Ken uzelf. Er blind van uitgaan dat ieder die het slechter heeft het beste met je voorheeft?
*
Hakkelend en stokkend probeert dichter T in een vraaggesprek van een uur lang te verwoorden waarom hij om artistiek ideologische redenen niet aan een vraaggesprek wil deelnemen en dat dit dus het laatste zou moeten zijn, in plaats van dat hij stamelend opmerkt: ‘Je hoort toch dat ik er niets van bak.’
*
Virtuele nostalgie.
Dertig jaar geleden dacht hij over de ontvangst van zijn boeken: wacht maar, over zestig jaar en later.
Nu denkt hij over de ontvangst van zijn boeken: waren ze maar zestig jaar eerder en daarvoor verschenen.

Zie HIER aflevering 1, HIER aflevering 2, HIER 3 en HIER 4

maandag 18 juni 2018

GIFTIG GETIKTE AFORISMEN - 4



Hij hoorde de door optredens op poëzieavonden en -festivals gepokt en gemazelde dichter op het podium verklaren dat dichters nooit met elkaar over het metier praten, wat door zijn al net zo geroutineerde collega naast hem net zo zelfgenoegzaam lachend werd beaamd.
Vanaf toen besloot hij geen uitnodigingen voor deelname aan dichtersbijeenkomsten te negeren of af te slaan, maar ze in zijn agenda te noteren om niet te vergeten op welke tijdstippen hij een extra praatje wilde maken met een buurman, een filiaalchef, een dierenoppasser, een tuinier, een huisschilder – over hun vak. Waardoor hij uiteindelijk geen uitnodigingen meer kreeg.
*
Hij kan het niet laten om van tijd tot tijd in een boekwinkel na te gaan of een van zijn overleden lievelingsauteurs niet toch nog een nieuw boek heeft geschreven. Wanneer dit niet zo blijkt te zijn voelt hij de aanvechting een boek te kopen dat hij uiteraard al heeft, een aanvechting die hij niet noodzakelijk wil bedwingen.
*
Hij schrijft liefst zelf het boek dat hij zou willen lezen.
*
Hij leest liefst een boek dat hem gaandeweg de indruk geeft dat hij coauteur aan het worden is.
*
Er zijn enkele romans waarvan hij wel tien exemplaren in zijn boekenkast zou moeten hebben staan, zo vaak heeft hij net weer een ander boek gelezen.
*
Er staan ook romans in zijn boekenkast die na te zijn gelezen tientallen jaren hebben moeten wachten op het moment dat hij ze verrast als voor het eerst las.
In het besef hiervan schuilt dat van een van de grote onrechtvaardigheden van de literaire kritiek.
*
Een schrijver kan niet veel meer dan imiteren wat hij bewondert. Daarom moet hij drie of vier zeer uiteenlopende schrijvers hebben wier werk hij adoreert.
*
‘Wat lijkt het me fijn om dichter te zijn.’
‘Het ligt eraan, lijkt mij, dichter bij wat.’
*
Erfgoed van zijn jeugd als arbeiderskind: zijn aristocratisch dedain (vroeger angst geheten) voor culturele elite.
*
Een oplage van één exemplaar zou hij eigenlijk voldoende vinden.
*
Hij verontschuldigt zich nederig en zoekt bijna met zijn handen voor zijn gezicht een andere plaats als hij ziet dat de persoon tegenover wie hij in de trein is gaan zitten een boek met zijn naam erop aan het lezen is.
*
Hij schrikt ervan hoe de dichter schrikt van zijn suggestie tot verbetering van een enkele versregel.

Zie HIER aflevering 1, HIER aflevering 2 en HIER 3